Samenwerken

Gemeente en jeugdzorg

In Zoetermeer werken alle organisaties die met kinderen werken samen in Meerpunt. Hier werkt het Zoetermeerse Centrum voor Jeugd & Gezin (CJG) samen met zo’n 20 partners die ondersteuning en zorg bieden aan kinderen en jongeren in hun sociale omgeving. Meerpunt vormt de ‘lijm’ tussen alle partners en is de paraplu boven de gezamenlijke ondersteuning en zorg. Meer informatie over Meerpunt vindt u hier.

Meerpunt-basisprincipes zijn:

  • gezamenlijke verantwoordelijkheid
  • samenwerking tussen zorgverleners
  • ketenaanpak
  • centrale rol voor ouders/verzorgers (niet praten over, maar met het gezin)
  • uitvoerende zorgverleners nemen deel aan IHI-overleg
  • 1 kind – 1 gezin – 1 plan met 1 zorgcoördinator

Ondersteuning in het onderwijs

Als leerlingen ondersteuning nodig hebben die de basisondersteuning van de school overstijgt, dan spreken we van extra ondersteuning. De extra ondersteuning kan geleverd worden door de school zelf of door begeleiders van buiten de school. Het SWV draagt een deel van haar middelen over aan de schoolbesturen die daarmee de scholen in staat stellen om een deel van de extra ondersteuning aan leerlingen in te richten. Dat doet iedere school op haar eigen manier, in overleg met het eigen bestuur. Scholen en schoolbesturen overleggen hun plannen en verantwoording met het SWV, zodat het SWV zich kan verantwoorden over de besteding van de middelen.

Het SWV heeft zowel in het PO als in het VO ook een programma ingericht van waaruit extra ondersteuning op de scholen wordt georganiseerd.
Ambulant begeleiders in het PO (cluster 3 en 4)
In het PO worden via het SWV externe deskundigen in gezet. Deze experts komen van Resonans (cluster 3), de Loodsboot (cluster 4) en de AED (cluster 4). In overleg met de scholen en met de coördinatoren passend onderwijs zijn zij inzetbaar voor ondersteuning van teams, leerkrachten of leerlingen. Ook hierbij wordt altijd de IHI werkwijze gebruikt om samen met ouders en (waar mogelijk) de leerling zelf en alle professionals te bepalen wat er nodig is om dit kind te ondersteunen.

Begeleiders Onderwijs en Zorg (BOZ)
In het VO bieden de Begeleiders Onderwijs en Zorg (BOZ-er) van het SWV expertise op de scholen. Zij helpen teams, docenten en leerlingen bij het onderwijs aan leerlingen met extra ondersteuningsbehoefte. Via de school van uw kind kunt u contact opnemen met de BOZ-er.

Scholing
Het SWV organiseert en faciliteert ook scholingsbijeenkomsten rondom passend onderwijs. Voorbeelden hiervan zijn

  • Wijkgebonden bijeenkomsten PO
    Het SWV organiseert jaarlijks, in het kader van de kwaliteitsverbetering van het IHI-proces binnen ons samenwerkingsverband Passend Onderwijs, scholingsbijeenkomsten in wijkverband. Het doel van deze wijk gebonden scholingsbijeenkomsten is dat allerlei professionals, betrokken bij kinderen, elkaar ontmoeten en van elkaar leren. Alle interne begeleiders (IB-ers) van de scholen in de wijk komen op die bijeenkomsten bij elkaar, samen met begeleiders en behandelaars uit zorg en kinderopvang. Zo biedt de wijkbijeenkomst de gelegenheid het contact met collega’s en andere betrokkenen in de wijk te versterken.
  • HB training vanuit het HB project (zie bij projecten)
  • Dyslexie training vanuit het dyslexie project (zie bij projecten)

Advies en coördinatie en toelaatbaarheidsverklaring

Wanneer een kind extra ondersteuning nodig heeft om goed aan het onderwijs mee te kunnen doen, dan wordt dit besproken in:

- Een IHI-overleg in het PO of
- Een FLEX-ZAT overleg in het VO.

IHI-werkwijze in globale stappen
De IHI werkwijze wordt ingezet wanneer een kind meer ondersteuning nodig heeft dan de basisondersteuning van de school. Ook wanneer gedacht wordt dat een andere school beter passend is, gaat de IHI werkwijze van start. Uitgangspunt is altijd de vraag: ’Wat is nodig in het belang van deze leerling?’ Het stappenschema van de IHI werkwijze is hierbij slechts hulpmiddel en geen doel.
In elke stap is de volgende vraag van belang: ‘Hoe kan de leerkracht het beste worden ondersteund bij zijn/haar handelingsgerichte houding t.a.v. de ondersteuningsbehoefte van de betreffende leerling?’ Een video over alle stappen vindt u hier.


Preventie is bij de IHI werkwijze erg belangrijk. Hoe eerder een specifieke ondersteuningsbehoefte wordt gesignaleerd, des te meer kans dat hieraan goed tegemoet gekomen kan worden. Preventie is de kracht van de eerste drie stappen van de IHI-werkwijze (een uitwerking van de eerste drie stappen vindt u hier

FLEXIBEL ZORG ACTIE TEAM (ZAT)

Op iedere school van het Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs is een flexibel Zorg Advies Team aanwezig, het zogeheten ‘flex zat’. Als een leerling meer ondersteuning nodig heeft dan vanuit de basisiondersteuning kan worden geboden, kan een leerling worden besproken in het flex zat. Hiervoor is toestemming van de betrokken leerling en ouders/verzorgers nodig. Het flex zat geeft advies en kan een hulpaanbod doen.

Het flex zat heeft een vaste samenstelling en bestaat uit de school zorg coördinator, de school maatschappelijk werker, begeleider onderwijs en zorg en medewerker jeugd- en gezinshulp. Aanvullend kunnen overige betrokkenen aansluiten, zoals de leerplichtambtenaar, jeugdverpleegkundige en schoolagent.

Het flex zat bespreekt de situatie en hulpvraag van de leerling en geeft aan wie bij deze hulpvraag het best de juiste hulp kan bieden, het best kan ondersteunen. In sommige situaties wordt de leerling (ook) doorverwezen naar specialistische jeugdhulp en/of bovenschoolse voorzieningen.

De taken van het flex zat zijn:

  • zorgen voor advies, consultatie en screening
  • aanvullend onderzoek aanvragen (via JGH of jeugdarts)
  • het bieden van kortdurende ondersteuning (boz, smw)
  • het geven van handelingsadviezen

Aanvragen Toelaatbaarheidsverklaringen
Wanneer een reguliere school geen passend onderwijs kan bieden, dan wordt in de IHI-werkwijze onderzocht of het SBO of het SO een betere plek is. Bij de IHI-werkwijze wordt tijdig het SBO en/of het SO betrokken, alsmede twee toelatingsdeskundigen overeenkomstig de wettelijke eis. Gezamenlijk wordt gebouwd aan het leerling dossier. Het uitgangspunt in Zoetermeer is altijd “regulier onderwijs als het kan, speciaal als het moet”. Als een kind is aangewezen op de specialistische didactische setting van een SBO of SO school, dan moet een toelaatbaarheidsverklaring, een TLV, aangevraagd worden bij het samenwerkingsverband.

Richtlijnen en afspraken verlengingen TLV S(B)O (april 2019)
Voor leerlingen die al een plaats hebben binnen het S(B)O gelden de volgende afspraken als de huidige TLV aan het einde van het lopende schooljaar afloopt:

  • Voortgangsgesprek en nieuwe aanvraag vinden plaats in de periode van de voorjaarsvakantie tot de zomervakantie van het lopende schooljaar.
  • Bij het voortgangsgesprek zijn in ieder geval aanwezig: ouders, leerkracht, intern begeleider en vanuit de wet vereiste deskundigen.

Vereiste documenten voor de verlenging (op basis van landelijke afspraken):

  • Huidige TLV.
  • Actueel groeidocument (of ander document waarin opgenomen stimulerende en belemmerende factoren, beschrijving onderwijsbehoeften, begeleiding en ondersteuning).
  • Ingevulde vragenlijst ‘Besluit tot verlenging TLV S(B)O’.
  • Verslag van voortgangsgesprek, inclusief datum van gesprek en aanwezigen.
  • Actueel OPP, inclusief verwachte uitstroombestemming.
  • Overige relevante gegevens/ verslaglegging.

Grensverkeer
Toelaatbaarheidsverklaringen voor het (V)SO zijn landelijk geldig (m.i.v. 1 augustus 2014).
Leerlingen die van een ander samenwerkingsverband een toelaatbaarheidsverklaring hebben gekregen kunnen een aanvraag indienen voor plaatsing op een SO of VSO school in Zoetermeer. De betrokken school zal dan samen met SWV Zoetermeer onderzoeken of de school een passende plek kan bieden. Oor SBO scholen zijn de toelaatbaarheidsverklaringen niet landelijk geldig. Bij aanmelding bij een SBO van een anders SWV, zal dit SWV samen met de school moeten bepalen of zij de best passende school voor deze leerling zijn. Voor SBO leerlingen die uit een ander SWV komen, zal het SWV Zoetermeer de plaatsingskosten doorberekenen conform de landelijke afspraken grensverkeer.